Het zit ‘m in de kleine dingen

Een trauma maakt het leven er niet bepaald makkelijker op. Tijdens bepaalde fases van het verwerken is het extra zwaar. Vooral wanneer je in de indringende fase zit en dagen vol herbelevingen zich rijgen aan nachten met weinig slaap en nachtmerries, lijkt het soms alsof het niet vol te houden is. Toen ik zelf in die periode zat, ben ik vaak boos geweest op mezelf, omdat ik wilde overleven en omdat dat gelukt was. Van de regen in de drup: Er viel nog minder te ontsnappen aan de zich opdringende herinneringen dan aan het feitelijke misbruik toentertijd, leek het wel. Ik voelde me vaak zo wanhopig dat ik het liefst in het eerste vliegtuig naar de verste bestemming wilde stappen en vooral heel hard weg wilde rennen. Helaas kun je niet wegrennen voor je hoofd. Er is geen veilige plek. Niet in jezelf. En dat is heel moeilijk. En ook heel eenzaam.

Het was bovendien heel moeilijk om me met anderen te verbinden. Ik leidde een dubbelleven. Je wilt anderen niet belasten met wat jij al niet kunt dragen. Tegelijkertijd hoop je dat iemand het bij je wegneemt; Jij kunt het immers ook niet dragen. Maar niemand doet dat. In mijn geval waren er wel mensen die van mijn trauma wisten, maar ook zij konden het niet wegnemen. Mijn vrienden wisten het. Ze vonden het erg. Ze wilden me helpen. Ze deden dappere pogingen. Het hielp niet.

De enige die me uiteraard kon helpen was ik zelf. Ik moest stoppen met het wegrennen van alle pijn, stoppen met me te verschuilen voor wat me overspoelde en dóór het trauma heen. Ik moest accepteren dat er geen weg bestond die me van het trauma vandaan zou leiden en dat de enige weg er recht doorheen ging.
Toen werd het een poos lang nog zwaarder dan dat het was toen ik nog probeerde te vermijden, want ik moest het monster in zijn ogen kijken en hem toestaan me opnieuw te verscheuren met zijn klauwen. Ik moest zijn hete adem op mijn lijf verdragen en mezelf dwingen erbij te blijven, omdat het alleen beter zou kunnen worden als ik de totale omvang van hoe verschrikkelijk het was, zou hebben doorvoeld en als ik leerde dat ik niet dood zou gaan. Ik was namelijk niet doodgegaan tijdens het misbruik. Ik zou ook niet doodgaan tijdens het verwerken ervan. Het ergste was al gebeurd. En inderdaad: Ik ging niet dood.

Natuurlijk werd het beter. Veel beter.
Ik kan me nu van sommige dingen zelfs niet eens meer herinneren hoe het voelt.
Laatst probeerde ik voor een project een gedicht te schrijven over een bepaald gevoel, maar dat het intens was geweest, was alleen nog een rationeel gegeven. Gevoelsmatig kon ik niet meer bij die intensiteit komen. Prachtig eigenlijk.

Maar het was ontzettend hard werken. En het was zwaar. Bijna ondragelijk zwaar. Bijna…
Er waren dagen bij dat blijven ademhalen het uiterste van me vroeg. Zo moeilijk was het.
En toch ben ik er nog.

Dat ik er nog ben, heeft, hoewel ik sterk geloof in eigen regie, eigen aandeel, eigen verantwoordelijkheid en het maken van je eigen keuzes, ook te maken met de mensen die ik om me heen had.

Ik schreef al eerder over het belang van veilige anderen en dat wil ik nogmaals onderstrepen. Ik spaar ze overigens nog steeds.
Maar het waren niet alleen de mensen die grote dingen deden, zoals mijn tante of mijn therapeute of sommige van mijn vrienden.
Het waren juist ook de mensen die kleine dingetjes deden, als vanzelf, die me geholpen hebben om overeind te blijven. Mensen die ik vaak niet eens ken, die totaal niet door hebben wat voor effect hun gebaren op me gehad hebben: Geheime helden.

De vrouw bij Starbucks die mijn stempelkaart vol stempelde met een extra stempel, ‘omdat ik er verloren uitzag en wel wat extra warmte kon gebruiken’, toen ik inderdaad een verschrikkelijke dag achter de rug had.
De man op het station die me geld gaf voor het toilet omdat ik tien cent tekort kwam.
De moeder op het schoolplein die zei dat ze sinds ik de gedichten op de voorkant verzorgde, altijd uitkeek naar de schoolkrant. (Ik wist haar naam niet eens, nog niet).
De vrouw in de bus die zei dat ze vindt dat ik altijd zo leuk met mijn dochtertje omga, dat ik een goede moeder ben. (Juist toen ik me super waardeloos voelde).

Er zijn zoveel van deze momenten en zoveel geheime helden geweest, die net even tegen me glimlachten, een lief gebaar maakten of me zagen, waardoor ik even vervuld werd met warmte en er weer tegenaan kon.

Inmiddels heb ik geen anderen meer nodig voor mijn gevoel van veiligheid. Ik hoef niet gezien te worden om te voelen dat ik zichtbaar mag zijn en ik kan me als geheel diep en werkelijk met een ander verbinden, maar zo was het niet altijd. Ik ben blij met deze geheime helden, die er waren toen ik geen veiligheid in mezelf kon voelen en me net even dat sprankje hoop gaven.

Lifesavers zijn het.

Ik heb veel om dankbaar voor te zijn.

Advertenties

7 gedachtes over “Het zit ‘m in de kleine dingen

  1. Je bent al zo ver in je proces. Ik sta nog aan het begin… ten minste zo voelt het. En dan realiseer ik me dat ik nog door zoveel diepe dalen moet. Dat het eerst nog slechter moet gaan, voor ik weer opkrabbel… als dat lukt.
    Maar het is jou gelukt, dus moet ik het ook kunnen. Dank je voor het geven van hoop en een heel klein beetje vertrouwen.

    Like

    1. Natuurlijk lukt het je: Je hebt het ergste al overleefd.

      De diepe dalen zijn oneerlijk en zo zou het niet moeten gaan, maar helaas is dit wat het is.
      De weg naar herstel is niet zonder kuilen, maar als je om je heen blijft kijken, zie je ook veel moois langs je pad.

      Het komt goed; Niet meteen, maar zeker uiteindelijk.

      Sterkte en warmte,

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s