Triggerwaarschuwingen

Op Facebook zie ik het steeds vaker voorbij komen; het woord ‘trigger’. Met name in de trauma-gerelateerde groepen, verschijnt het om de haverklap boven een bericht. Triggers kunnen heel divers zijn, want het verschilt per persoon en soort trauma waardoor iemand geraakt wordt. Het gevolg is dat er op sommige plekken onderhand boven ieder bericht het woord ‘trigger’ staat. Naast berichten met bijvoorbeeld een inhoudelijke beschrijving van bepaalde misbruikervaringen, staat zo’n melding bijvoorbeeld ook boven berichten waarin iemand schrijft eenzaam te zijn, of boven berichten waarin iemand zegt vandaag geen goede dag te hebben gehad.
Dit overvloedige gebruik van triggermeldingen vind ik niet goed. Hieronder zal ik dat proberen uit te leggen.

Ik schrijf vaak dat therapie bij trauma helpt. Dan heb ik het met name over therapieën die bewezen effectief zijn, zoals EMDR en vormen van Exposure-therapie. Naast deze dingen denk ik dat het belangrijk is om iets lichaamsgerichts te doen. Dat kan van alles zijn: Dansen, drama, haptotherapie, een vechtsport, psychomotore therapie, yoga… Waar het om gaat is dat de verbindingen tussen hoofd, hart en lijf hersteld worden en dat het lijf ook de kans krijgt bepaalde ervaringen en indrukken los te laten en nieuwe, tegengestelde ervaringen op te doen.
Een derde pijler is lotgenotencontact. Mensen zijn sociale wezens. Ze hebben de behoefte zich te begeven in groepen van, bij voorkeur, gelijkgestemden. Ook mensen met een trauma zijn daar geen uitzondering op. En dat is heel begrijpelijk. Dergelijke ervaringen werken vervreemdend. Bovendien voelen dingen vaak dragelijker als je ze kunt delen. Waar kan zoiets beter dan op een plek waar mensen begrijpen wat je hebt meegemaakt?
Lotgenotencontact kan heel positief zijn. Het kan een steun in de rug zijn op weg naar herstel, een fijne veilige plek, een oase van rust. De keerzijde is echter dat het groepsmechanisme ook andersom werkt. Als 1 persoon in de groep te hard vooruit gaat, zou de groep zich daar tegen kunnen verzetten, met als gevolg dat dat individu zich, omdat de groep veel betekenis heeft uiteindelijk (maar weer) schikt naar de meerderheid.
Zulke dingen gebeuren in het klein of groot in alle groepen, maar in een groep waar de gemeenschappelijkheid draait om de meest erge levenservaring(e)n, is dit iets om extra waakzaam voor te zijn.

De ontwikkeling van het overmatige gebruik van triggerwaarschuwingen vind ik een voorbeeld van dat slechte groepsmechanisme. Het is als een knoop die je los probeert te maken, maar eigenlijk steeds vaster trekt: Iemand komt in een groep om zijn ervaringen te delen, maar krijgt de boodschap dat hij anderen niet teveel mag raken. “In deze groep plaatsen wij een content- waarschuwing als het om moeilijke dingen gaat” Omdat hij zelf weet hoe het is om erg overspoeld te raken, houdt hij daar uiteraard rekening mee en deelt zijn ervaring pas na het plaatsen van een triggermelding. Na een tijdje in dit stramien leert hij dat de dingen die hij voelt voor een enkeling in de groep ook heftig kunnen zijn en ook daar komt in het vervolg een waarschuwing boven. Als anderen dat bericht dan ondanks de waarschuwing lezen en vervolgens reageren dat het wel echt heftig is, zal dat bevestigend werken. Niet alleen in de zin van “toch maar goed dat ik die triggerwaarschuwing geplaatst heb”, maar ook als een “Goh poeh, wat is het toch ook heftig wat ik hier neergeschreven heb” (Wat zijn mijn ervaringen toch heftig. Wat is het toch heftig wat ik voel. Wat is het leven toch heftig)
Uiteindelijk zal hij, in een dergelijk klimaat, voor de zekerheid zelfs zijn smalltalk onder een triggerwaarschuwing plaatsen. Je weet immers maar nooit wie je raakt, toch?

Het is heel aardig en ook belangrijk om rekening met een ander te houden; Het is mooi dat je anderen geen pijn wilt doen. Maar in een groep zijn, waar je niets kunt delen zonder dat je het van tevoren moet classificeren als te gevoelig, is schadelijk.
Mensen delen dingen juist, zodat ze iets van de spanning die bij hun ervaringen hoort los kunnen laten. Dingen delen en onderwijl in de eerste plaats opnieuw en opnieuw en opnieuw bezig zijn met hoe triggerend het eigenlijk is, maakt van het delen weinig anders dan een herbeleving.

Laten we daarom stoppen met het onnodige gebruik van triggerwaarschuwingen en het risico nemen om geraakt te worden; het risico nemen om een ander te raken, het risico nemen om ons (weer) menselijk te voelen.

Laten we het risico nemen dat het op een dag misschien minder pijn zal doen.
(En dat dat oke is.)

In een jaar kan er veel gebeuren…

Vandaag is het precies een jaar geleden dat Samen Helen is geboren. Ik had geen beschuit met muisjes om het heuglijke feit te vieren, maar wel veel thee en troost-chocolade. Het was die dag namelijk ‘Therapy Tuesday’ en we waren net met iets nieuws begonnen dat ik heel eng en moeilijk vond. Ik besloot deze blog te beginnen als een soort van positief tegenwicht voor de zware tijd die voor me lag. We weten allemaal hoe dat uit de hand gelopen is…

Een jaar later; 75 posts, 681 volgers, een ‘beste blogpost van het Nederlandse taaldomein’-nominatie, een twitter-account, een vertaling (die, ik geef toe, wat meer aandacht verdient), 3 gastschrijvers en ontelbare likes, shares & reacties (waarvoor ongelooflijk bedankt, echt!) verder…

Wauw, wat is er veel gebeurd!

En dan bedoel ik niet alleen hier op mijn blog, natuurlijk.

Een jaar en wat uurtjes geleden, zat ik in een PMT-ruimte met mijn therapeute voor een soort EMDR-deluxe. Ik had toen al een geruime tijd traumatherapie met EMDR, maar waar ik daarbij vaak tegenaan liep was dat ik ‘weg ging’ van het trauma, wanneer ik woorden gaf aan wat ik zag/voelde/ervoer. Het was een strategie die lange tijd succesvol was geweest voor me, maar die ik niet makkelijk kon afleggen toen dat nodig was. Ik wilde wel bij mijn gevoel blijven, maar ik wist niet precies hoe.

Ik denk overigens dat, maar volgens mij is dit verband nergens bewezen, mijn hoogbegaafdheid en ook de talloze dingen die ik tegelijk deed ten tijde van het seksuele geweld om mezelf ervan af te leiden, ervoor zorgden dat ik gewend was aan grote(re) werkgeheugenbelasting, waardoor de EMDR zoals we het deden niet voldoende belastend was voor mij op dat moment. Er bleef ruimte om ervan weg te gaan.

Ook denk ik dat ik ervan weg ging juist door dingen verbaal te maken. Als je zo jong bent als ik was; Ik was ongeveer vier toen het begon, heb je nog niet veel woorden voor wat er gebeurt. Door er wel woorden aan te geven (die eigenlijk niet bij je ervaring van dat moment horen), ga je weg van dingen die je soms alleen hebt opgeslagen als een gevoel.

Een poosje eerder, toen ik ook zo vastzat in dat krampachtige overrationaliseren, vroeg mijn vindingrijke therapeute eens om mijn handen zo boven mijn hoofd te houden als ik het in mijn plaatje zag. Terwijl ik dat deed, vroeg ze me naar het plaatje te blijven kijken. Al toen ze het voorstelde voelde ik grote onrust en weerstand in mijn lijf, maar ja, ik wilde vooruit, dus ik deed het: Er klikte wat in elkaar en ik brak. Het was de eerste keer dat ik huilde. En huilde. En huilde. Ik wilde mijn handen weer omlaag doen, maar ze vroeg me ze daar te houden, terwijl we werkten aan het plaatje en ik huilde en huilde en mijn SUD-score beetje bij beetje omlaag ging. Het was verschrikkelijk, maar ik voelde me zoveel beter toen ik uit de sessie kwam. Niet meteen, maar toen ik wat bijgekomen was en had geslapen was het alsof ik honderd kilo lichter was.

We zijn er die keer dus achtergekomen dat het werkte om mijn lijf erbij te betrekken. Toen EMDR daarna verder weer wat stroef ging, besloten we om het eens een poosje op deze manier te proberen. Vorig jaar, deze dag, zou de eerste keer zijn.

Er was een herbeleving die ik altijd had, vaak als ik ging liggen wanneer ik al gespannen was, of als iemand zich agressief gedragen had of soms door andere triggers. Het laat zich het beste omschrijven als “De klap waarmee mijn rug de grond raakte”. (Zo noemde ik het plaatje ook).
Als ik niet snel genoeg naar huis wist te rennen en ze me onderschepten, werd ik niet al te zachthandig tegen de grond getrokken/gegooid. Voor mij als kind was dat het moment waarop alles verloren was. (Ik kijk daar met de kennis van nu iets anders tegenaan; ik denk dat het een illusie was die zij bewust creëerden, wegkomen was nooit een optie). Ik herinnerde me altijd hoe het klonk als de lucht uit mijn longen werd geperst en mijn lijf de grond raakte. Ik kon dat voelen, aan mijn lichaam. Steeds en steeds opnieuw. Hoewel het minder bedreigend klinkt dan andere dingen die ik hier wel eens geschreven heb, was dit voor mij, vanuit mijn kinderbeleving echt heel naar.
Dit was het plaatje waarmee we ons tijdens “EMDR-deluxe” (te leuke naam om er niet in te houden) bezig zouden houden.

Dus we zaten daar vorig jaar in die PMT zaal, met het doel om dat gevoel voldoende na te bootsen, vooral niet teveel te praten en te rationaliseren en wanneer de spanning voldoende opliep EMDR toe te passen.

In de praktijk ging het wat anders. In een mailtje schreef ik er het volgende over:

We doen zo’n PMT-EMDR iets waar ik je ooit eerder wat over heb verteld. De bedoeling was dat ik zou vallen op een matje en het moment zou herbeleven dat alles verloren was. Bij druk tegen mijn rug moest ik me (voorstellen dat ik tegen de grond getrokken werd en me) laten vallen, maar om eerlijk te zijn lukte het me niet. Ik deed alleen maar mijn ogen dicht en wachtte tot het moment voorbij was. Ik vond het ook lastig om in het hier en nu te blijven. Ik was een beetje geneigd om te smokkelen, omdat ik inmiddels veilig heb leren vallen, maar dat was natuurlijk niet de bedoeling, dus wilde ik helemaal niet naar de grond.

Ik was bang. Naar de grond gaan vond ik verschrikkelijk eng. Mijn kernopvatting was dat alles op de grond verloren zou zijn. Ik had zelfverdediging gehad met ook valtraining (wat overigens ook doodeng was), maar dit was een heel nieuw level van eng. Dit doen met dat specifieke plaatje in mijn achterhoofd…
Ik deed mijn ogen dicht en wachtte tot het moment voorbij ging (een oude, niet succesvolle strategie).
Mijn therapeute, niet voor 1 gat te vangen,stapte toen over op imaginaire rescripting:

Ze zei: “Stel je voor dat je een toverdrankje neemt, waardoor je in 1x honderd keer sterker bent. Verzet heeft zin. Wat zou je doen?” Mijn eerste reactie was dat dat niet realistisch was, maar ze zei dat het net zo min realistisch was dat ik het gevoel had dat de daders nog steeds met ons in dezelfde ruimte zijn en dat ik zelf de fantasie mag kiezen die me het meest helpt; Het toverdrankje of de ingebeelde machteloosheid in het nu. Ik mocht mezelf losmaken van mijn stootkussen-aanvaller en ik mocht mezelf ook in veiligheid brengen, omdat dat kan in het nu.

Toen ze tegenover me stond en ik mezelf mocht beschermen en moest voelen dat ik mezelf mocht beschermen, merkte ik dat ik sloeg zoals ik dat bij zelfverdediging geleerd heb. Met weinig inspanning en het gebruik van mijn lichaamsgewicht. Ik probeerde voorzichtig te zijn, maar ze was op een gegeven moment buiten adem. (Stiekem vond ik dat heel grappig)
Ik zei tegen haar dat het me niet lukte om als een kind te slaan, omdat mijn systeem efficiënt wil reageren zoals ik bij zelfverdediging geleerd heb. Ze vond het fijn en goed en ze zei dat dat juist prima was, omdat ik in het nu werkelijk de mogelijkheid heb om me te beschermen.
Het bijzondere is dat ik me dan totaal niet meer onveilig voel in de situatie. Het is dan niet langer meer ik en een verlammende herinnering waarin het nooit zin had om te vechten en waarin verzet leidde tot extreme straffen, maar alleen ik, mijn actie en geen oordelen; Een hier en nu waar ik veilig ben.

Het is gek te bedenken dat dit nog maar een jaar geleden is.

We hebben nog een aantal keer op deze manier gewerkt en het heeft me steeds veel opgeleverd. Er was in deze setting ruimte voor het uiten van mijn boosheid (die ik steeds meteen wegmaakte, want oef gevaarlijk), omdat ik die direct naar buiten mocht richten, door op stootkussens te slaan. Er werd gericht geEMDRt, waarbij ik merkte dat het me veel beter lukte erbij te blijven, omdat alles niet in de eerste plaats verbaal was. Verder merkte ik dat het in beweging zijn me hielp tegen dissociatie. En ik denk dat met alle verschillende dingen die me daar aangeboden werden, mijn werkgeheugen ook voldoende belast werd.

Maar dat is allemaal heel theoretisch. Praktisch gesproken, kan ik vooral zeggen dat ik op deze manier enorme stappen heb kunnen maken.

Toen ik vorig jaar mijn ogen dichtkneep, mijn vuisten balde en mijn hart heel snel voelde  kloppen, omdat ik koste wat kost niet op de grond wilde komen, “want dan zou alles verloren zijn”; Toen ik die steen in mijn maag voelde wanneer ik het stootkussen in mijn rug voelde, had ik nooit gedacht dat ik 9 maanden daarna op een sport zou gaan waarbij tegen de grond geworpen/geklemd/gegooid worden, even normaal is als ademhalen. Ik zou al helemaal niet hebben kunnen bedenken dat het me zou lukken om die twee zaken succesvol te combineren. Met gemák!

Inmiddels zijn we weer 2,5 maand verder. Mijn Aikido-school heeft een zomerstop en ik mis het verschrikkelijk.

Wie had dat kunnen denken?

In een jaar kan er veel gebeuren.
Ik kijk nu al uit naar SH’s tweede jubileum!

Praten alleen is niet genoeg

Over helen van trauma
Helen van trauma is voor mij in de eerste plaats het lef in jezelf vinden om de weg terug naar huis te gaan. De weg terug naar jezelf, naar binnen. Terug naar wat er gebeurd is en samen met een ander (een gezonde volwassene die jou daarbij steunt) ontdekken wat je destijds (toen en daar) hebt gedaan om het geweld te overleven. Om vervolgens te ontdekken dat je door onverwerkt trauma behalve emotionele pijn, ook een enorme hoeveelheid stress in je lichaam opbouwt, die je niet meer op een natuurlijke manier kunt laten afvloeien. Daardoor ben je in de loop van de jaren vaak in een modus van permanente stress terecht gekomen. Je bent hier en nu de weg in jezelf kwijt. De weg naar gezond loslaten van spanning en stress, de weg naar liefdevolle vriendelijkheid voor jezelf, de weg naar herstel.

De meeste schade
Het grootste en meest helende inzicht in mijn eigen verwerkingsproces, was het verschil begrijpen tussen de schade van het trauma enerzijds en de schade van mijn eigen herhaling van de pijn en ondermijning anderzijds. Dat wat je is aangedaan, het trauma, heeft –hoe heftig het ook was- een begin en een eind. Je weet dat het ergens weer stopt. Ook al herhaalt de situatie zich de week daarna, ook die situatie is weer gestopt. Daarmee wordt het voor ons brein op een vreemde manier ook overzichtelijk. Als het geweld er is, gaat je hele systeem op standje overleven, als het gestopt is kun je weer even ademhalen en proberen hoe dan ook toch wat te herstellen van de stress die je lichaam en geest ten tijde van het geweld geproduceerd hebben. Als er voldoende veiligheid om je heen is om die stress op een gezonde manier weer te ontladen, zal het heftigste trauma niet per definitie blijvende wonden achterlaten. Maar wat als de gevoelens van angst en onveiligheid blijven bestaan, omdat je nergens naartoe kunt met je verhaal. Dan kan de stress in je lichaam en geest niet op een gezonde manier ontladen en blijft die opgesloten in je lichaam. Als er vervolgens niemand in je omgeving is die je gevoel van eigenwaarde weer wat helpt op te krikken door je te vertellen dat het geweld niet jouw schuld was, dan is de cirkel van trauma rond. Dan hoeft er daarna in je leven niets ernstigs meer te gebeuren, toch loop je de kans dat je jezelf er dag in dag uit van weet te overtuigen dat je een slecht mens bent, dat je schuldig bent, dat je een monster in je hebt wonen of andere ondermijnende gedachten. En juist die slechte gedachten over jezelf houden nooit op. Daar zit geen begin en eind aan, dat is er dan permanent. En op zo’n poreuze bodem van eigenwaarde (of gebrek daaraan) valt nauwelijks een gezond bestaan te bouwen.
Daarom ben ik ervan overtuigd dat het geweld dat ooit tegen je is gebruikt, op zichzelf niet de grootste schade aanricht bij overlevers. Het is de permanent door jezelf gevoede gedachte over je eigen slechtheid, die je blijft verteren en een ongezonde en permanente stress in je lichaam en geest op peil houdt.

De wetende getuige
Om uit die cirkel van traumatische stress te komen, heb je in de eerste plaats een volwassene nodig die jou nu alsnog durft aan te horen, aan wie je mag vertellen wat jou is aangedaan. Iemand die je vervolgens alsnog duidelijk maakt dat het niet aan jou lag, dat je geen slecht kind was en dat je geen schuld hebt. Iemand die in het hier en nu getuige durft te zijn van jou verhaal over toen en daar; iemand die je een gezonde spiegel voorhoudt over wat je destijds is aangedaan, maar ook over wat je nu –meestal onbewust- zelf in stand houdt. Iemand die tegengif biedt aan de oude boodschappen die je als overlever hebt geïnternaliseerd.

Praten alleen?
Voor overlevers van seksueel geweld is het dus van groot belang een volwassen ‘getuige’ te vinden, die nu alsnog jouw verhaal wil aanhoren, bij je blijft, je durft te troosten en je vertelt dat dit nooit had mogen gebeuren. Een zorgvuldige therapeut dus, via wie je kunt leren spiegelen en zo kunt ervaren dat de beleving van jouw pijn niet gek, gestoord of afwijkend is, maar een hele sterke, gezonde reactie is geweest op een ongezonde en beschadigende situatie. Praten is dus van groot belang, maar het is niet voldoende. Er wordt steeds meer bekend over de heftige fysieke en hormonale reacties van ons lichaam op trauma. Dat betekent dat er neurologisch ook echt iets beschadigd is als gevolg van voortdurende traumatische stress. Daarvan herstellen vraagt meer dan praten, het vraagt ook lef om lichaamswerk zoals bv yoga, chi kung of tai chi te doen, om je eigen lichaam opnieuw te ervaren en positieve impulsen te geven. En behalve je lichaam, vraagt ook je brein om nieuwe paden. Als je alleen praat over wat er met je gebeurd is, zullen je lichaam en geest op een dieper niveau nog niet weten hoe ze de ondermijnende stress kunnen stoppen en loop je het risico dat je opnieuw heftige situaties opzoekt of op een andere manier een vrijgekomen leegte in jezelf wilt vullen met dat wat je kent: pijn en afwijzing. Daarmee creëer je vaak opnieuw een soort trauma en hoe vreemd en heftig dat ook klinkt, daarmee creëer je steeds opnieuw een herhaling van je eigen pijn, lang nadat het trauma je overkwam.
Behalve praten en lichaamswerk, ben ik ervan overtuigd dat werkelijk helen nog een derde niveau vraagt, en dat is het niveau van de mindfulness. Daarmee kun je werkelijk veranderingen aanbrengen in de door trauma en herhaling ingesleten paden in je brein en kun je leren hoe je kunt stoppen, aanvaarden en omarmen van dat wat er nu is.

Als het trauma meteen ook je enige bron van zingeving lijkt
Hoe pijnlijk ook, trauma overleven maakt dat je onder hoge stress kunt functioneren. En ondanks de overweldigende ervaringen geeft het trauma ook betekenis aan je leven. Als je de in dit artikel genoemde stappen van herstel zet, kom je ongetwijfeld een poosje in een soort niemandsland terecht, waar de oude patronen van gedrag en overtuigingen niet meer nodig zijn, maar waar je nog geen nieuwe ‘schoenen’ hebt. Het leven lijkt een tijdje saai en betekenisloos, omdat trauma je identiteit vormde. Maar geloof me, als je het lef hebt om in dat niemandsland te verblijven zonder jezelf in de steek te laten, dan ontvouwt zich een nieuwe weg. Jouw weg, die niet perse ergens naartoe leidt, maar je grond onder je voeten geeft om op te staan. En dan blijkt dat in het echt best nog spannend te zijn…

Thérèse Evers
Voormalig zedenrechercheur bij de politie en docent zeden op de Politieacademie
Auteur van
‘Genoeg’ (gedichtenbundel over verwerking van seksueel geweld, 2011, uitgave in eigen beheer, te bestellen via: td.evers@tele2.nl)
‘De som der delen’ (semi-autobiografische roman over de combinatie van het werken als zedenrechercheur en een eigen geschiedenis van seksueel misbruik, uitgeverij Elikser, 2014)

Introductie gastschrijver Thérèse

dsddIn november 2014 was Thérèse te gast bij KRO’s ‘De wandeling’  Daar vertelde ze over het seksueel geweld in haar jeugd en haar werk bij de zedenpolitie. Hoewel ik er veel over vernam en het erg indrukwekkend scheen te zijn geweest, zat ik zelf midden in de nasleep van een traumatisch ongeval en leek het me geen goed idee om iets te kijken dat veel bij me op kon roepen. Wel vestigde het voor het eerst mijn aandacht op haar boek “De Som der Delen” dat een paar maanden daarvoor uitgekomen was. De beschrijving van het boek sprak me enorm aan en ik wilde het heel graag lezen. Ik had inmiddels al geruime tijd niet meer echt gelezen; wel kleine dingen, geen hele boeken. Mijn hoofd zat steeds veel te vol door de EMDRtherapie die ik toen had. Ik zei nog tegen een vriendin “Als ik weer ga lezen, dan is het de Som der Delen”.

En zo is het ook gegaan: Van Revief kreeg ik het boek in januari van het jaar erna, compleet met een lieve opdracht namens de kerngroep. Ik hield meteen van het boek en dat was al voordat ik het gelezen had.

En toen las ik het. En -wauw- zeggen dat ik er daarna nog meer van hield is een understatement! Ik voelde me als slachtoffer zijnde ‘begrepen‘ door dSdD; ‘gezien‘. Nooit eerder  heb ik een boek gelezen dat zo herkenbaar voor me voelde, zo vertrouwd. Het verhaal, de beleving, de dialoog tussen de volwassene en het kind, de beweging tussen het bijna uit elkaar vallen van binnen en het uiterlijk functioneren dat de buitenwereld te zien krijgt… Zoveel zinsconstructies die rechtstreeks uit mijn hoofd/hart/lijf gekomen konden zijn. Dit boek heb ik niet alleen ‘geconsumeerd’; Ik heb de Som der Delen doorvoeld. En dat was heel goed voor me.
Verder vond ik het puur als lezer zijnd ook een fantastisch boek. Het is heel goed geschreven. Ik hou van de woordkeuze, van de schrijfstijl. Dit is niet een slachtoffer dat toevallig papier als medium kiest om haar verhaal te vertellen; Dit is een slachtoffer, een zedenrechercheuze en een schrijver; Een echt goede schrijver.

Na het lezen van De Som der Delen lukte het me ook weer om überhaupt te lezen, ouderwets veel te lezen (waaronder de dichtbundel ‘Genoeg‘ die Thérèse ook geschreven heeft). Ook heb ik ‘De wandeling’ toen gekeken. Inderdaad heel indrukwekkend!

Afgelopen september heeft Thérèse een lezing gegeven op Reviefs Dag van het Misbruikte Kind. Ik vond het dood- en doodeng om haar hiervoor te vragen (want ik wilde natuurlijk veel te graag dat ze kwam). Gelukkig voor mij at Thérèse me niet op en wilde ze graag komen.

De lezing was heel waardevol. Het is fijn luisteren naar Thérèse. Ik heb zulke goede dingen gehoord: Echt belangrijke dingen, bijvoorbeeld over het verschil tussen schuldgevoel en schuldbesef. Ik heb hier nog over geschreven in mijn blog over de DvhMK en Valeer (mijn gastschrijver van gisteren) heeft dit aangehaald in zijn blog over schuld en schaamte bij slachtoffers. Ook van onze deelnemers hoorden we terug dat ze erg te spreken waren over de lezing. Confronterend soms, maar wel belangrijk, nuttig en goed.

Toen ik het plan bedacht voor de gastblogs, had ik meteen helder welke drie experts ik hiervoor wilde vragen. Natuurlijk is Thérèse een van hen; Om al het bovenstaande, omdat haar invalshoek weer compleet anders is als die van de anderen, omdat ik haar integer vind en omdat, dat vooral, Thérèse echt belangrijke dingen te vertellen heeft. Dingen die ik vind dat iedereen zou moeten horen; Slachtoffers omdat het ze helpt om zachter naar zichzelf te kijken en om de regie over hun eigen leven (terug) te nemen, maar ook professionals omdat het ze helpt slachtoffers beter te gaan begrijpen. Thérèse kan bruggen slaan; Dat doet ze al. En dat lijkt me hard nodig.

Lees hier morgen wat Thérèse jullie te vertellen heeft!

Als het ‘daar en toen’ je opzoekt in het ‘hier en nu’

De laatste tijd heb ik wat minder geschreven. Er zijn een aantal blogonderwerpen waarmee ik in mijn hoofd zit, maar waarvoor ik nog niet voldoende tijd heb gehad om die goed en met aandacht uit te werken. Het komt wel, het duurt alleen even.

Voor nu wil ik graag, zoals ik in het begin ook wel eens deed, weer eens een ‘houvast-blog’ schrijven. Het is een bewerking van iets dat ik al eerder geschreven heb over flashbacks.

Wat zijn flashbacks?

Een flashback is een herinnering aan het verleden die in het heden doordringt en maakt dat het voelt alsof (een deel van) het verleden in het hier en nu daadwerkelijk plaatsvindt: “Een plotselinge levendige herbeleving van de traumatische gebeurtenis die gepaard gaat met (een) sterke emotie(s)” (Matsakis 1994)

Flashbacks zijn een veelvoorkomend symptoom van een Posttraumatische Stressstoornis. Ze vallen onder de groep: indringende reacties, die samen met vermijding en fysieke symptomen,  deel uitmaken van de drie clusters van PTSS-reacties.

Indringende herinneringen zijn:
*Herinneringen aan of gedachten over het trauma die plotseling opkomen
*Steeds opnieuw dromen over het trauma
*Nieuwe aspecten van het trauma die via nachtmerries of gedachten tot je komen
*Het gevoel alsof de traumatische gebeurtenis opnieuw plaatsvindt
*Reactie op triggers, als geur, geluid, data, of om het even welke stimulus geassocieerd wordt met de oorspronkelijke traumatische gebeurtenis (inclusief nieuwe associaties) die je terugduwen in het trauma door een korte flashback of  het volledig herbeleven van een trauma in het nu)
*Heel, heel erg gespannen of oncomfortabel raken in een situatie die je herinnert aan of (ten delen) gelijk is aan het trauma

Een goede manier om om te gaan met indringende herinneringen is het opbouwen van duaal bewustzijn. Dit betekent eenvoudig gezegd dat je accepteert dat het trauma niet in het NU gebeurt en dat je veilig bent en dat je jezelf hier over gerust kunt stellen. Het kunnen ervaren van duaal bewustzijn helpt je naar het trauma te kijken, terwijl je je veilig voelt in de wetenschap dat je je in het hier en nu bevindt.
Als je duaal bewustzijn hebt opgebouwd, ben je in staat om te switchen tussen het verleden en het heden en de regie te nemen over het indringende karakter van deze herinneringen.

Hieronder wil ik graag een oefening delen uit het boek The body remembers van Babette Rothschild.
Deze oefening kan helpen om duaal bewustzijn te ontwikkelen.



Stel jezelf een lichtelijk stressvolle gebeurtenis voor (iets waar je je een beetje gespannen of beschaamd door hebt gevoeld).

Wat merk je op in je lijf?
Wat gebeurt er met je spieren?
Wat voel je in je buik?
(Hoe) verandert je ademhaling?
Verhoogt of verlaagt je hartslag?
Word je warmer of kouder?
Als er temperatuursverandering is, is dat overal hetzelfde of verschilt het nog per lichaamsdeel?

Breng je aandacht terug naar de kamer waar je je nu in bevindt.

*Kijk naar de kleur van de muren en de structuur van de vloerbedekking
*Wat is de temperatuur van deze kamer?
*Wat voor geuren ruik je hier?
*Wat zie je?
*Wat hoor je?
*Verandert je ademhaling als de focus van je aandacht verandert?

Probeer nu, terwijl je je bewust blijft van het hier en nu (en wat daar allemaal bij hoort), terug te denken aan de lichtelijk stressvolle gebeurtenis.

*Lukt het je om met je aandacht te blijven bij waar je je fysiek bevindt, terwijl je aan deze gebeurtenis terugdenkt?

Eindig deze oefening met je aandacht gericht op dat wat je ziet, voelt, hoort, ruikt en ervaart in het hier en nu.



Net als met alle vaardigheden eigenlijk het geval is, kost het wat tijd om duaal bewustzijn te ontwikkelen; Je leert ook niet in 1 dag fietsen. Het zal niet altijd even goed gaan en soms zul je misschien het gevoel hebben dat je niet vooruit komt, maar het is toch belangrijk om het te blijven proberen. Je zult merken dat, terwijl je duale bewustzijn groeit, het makkelijker wordt om de switchen tussen het verleden en het heden.

Het kan helpen om hier, als je in therapie bent, aan te werken met je therapeut. Het is makkelijker als iemand je begeleidt in dit proces en van buitenaf overzicht houdt. Ook voor je gevoel van veiligheid en het aan durven gaan, kan het fijn zijn om dit te doen met een professional. De meeste soorten traumabehandeling hebben al een variant hiervan ingebouwd. Toen ik EMDR kreeg, schakelden we ook tussen de traumatische plaatjes en het hier en nu, wanneer dat nodig was. Met het toenemen van mijn vermogen om te kunnen schakelen, nam ook mijn gevoel van regie toe.

Terug naar de flashbacks:
Zoals ik al schreef hebben veel getraumatiseerde mensen hier last van.
Er zijn twee soorten flashbacks: Een korte ‘flard‘ (of beeld, geur, gevoel..) van toen in het nu, of een volledige herinnering aan een ervaring, die zich in het nu lijkt af te spelen, net als vroeger: een herbeleving.

Een flashback kan visueel en/of auditief zijn, maar ook lichaamsherinneringen (zoals bijvoorbeeld pijn), emoties (intense boosheid die uit het niets komt, of extreme angst) en gedrag (je op een bepaalde manier gedragen wanneer je getriggerd wordt; bijvoorbeeld zoals je gedroeg ten tijde van het trauma) of indringende gedachten, zijn flashbacks. Als je een flashback hebt, voelt het alsof het trauma opnieuw plaatsvindt.
Je  krijgt geen black-out, maar je verlaat het hier en nu wel tijdelijk. Door flashbacks worden gevoelens van extreme angst en hulpeloosheid versterkt.

Tijdens een flashback wordt je trauma opnieuw afgespeeld, met grote intensiteit. In veel gevallen, tenzij je leert hoe, kan het dat het je niet eens lukt om je flashback los te zien van de hedendaagse realiteit, waardoor de impact van het trauma steeds opnieuw op je inwerkt.

Soms is het heel lastig om wijs te worden uit wat er tot je komt, vooral wanneer het niet gehele scenes van het trauma zijn of maar gefragmenteerde delen.

Omdat flashbacks meestal ook een emotioneel en/of zintuiglijk aspect van het trauma bevatten, is je hele zenuwstelsel erbij betrokken. Je ervaart hyperarrousal als je wordt blootgesteld aan traumatische triggers. Dit is waarom flashbacks zo echt voelen.

Belangrijke dingen die je jezelf kunt vragen, als je flashbacks ervaart, zijn deze:
*Wat probeert dit mij te vertellen?
*Is er meer dat ik moet zien?
*Is er meer dat ik moet voelen?
*Is er meer dat ik moet horen?
*Heb ik nog meer te leren of accepteren over wat mij is overkomen?
*Ben ik in staat om dit stuk van mijn herinneringen in de ogen te zien, zonder mezelf er in te verliezen?

Veel getraumatiseerde mensen proberen haast dwangmatig alles te vermijden wat ze aan het trauma doet denken. Ook emoties die ze ermee associëren, zoals bijvoorbeeld angst, boosheid of verdriet, proberen ze weg te duwen. Juist door het wegduwen van emoties en van herinneringen, komen deze met kracht bij je terug (en vaak op momenten dat je al kwetsbaar bent en je draagkracht al verminderd is).
Flashbacks vertellen je dus dat er nog iets is waar je mee aan de slag moet om verder te kunnen.

Ermee omgaan?

Een belangrijke manier om met flashbacks om te gaan is uit je hoofd gaan en je meer te richten op de wereld om je heen. Probeer jezelf en je flashbacks te verbinden met het heden om er in het nu controle over te krijgen. Als het zich niet meer alleen in je hoofd afspeelt, verliest het aan kracht. Je kunt dit bijvoorbeeld doen door er over te schrijven, praten, het te tekenen, schilderen, er een collage van te maken of het op een andere manier daadwerkelijk gestalte te geven, ergens anders dan in je hoofd.
Ook aardings- en ontspanningsoefeningen, mindfulness en oefeningen voor je zintuigen kunnen heel waardevol zijn om meer uit je hoofd en in je lijf en/of in het hier en nu te komen.

Zelf gebruik ik altijd deze oefening (hier beschreef ik hem ook al)
die makkelijk is omdat je hem eigenlijk overal kunt doen:



De zintuigoefening

Noem 5 dingen…
*die je ziet
*die je hoort
*die je proeft of ruikt
*lichamelijke sensaties (geen emoties), bv het gevoel van je rug tegen de rugleuning

Doe dit met al je aandacht en concentratie.

Nu 4 dingen…
3
2
1 (het prettigste dat er te zien, te horen, te voelen (lichamelijke sensatie)… is)

Eindig deze oefening met je volledige aandacht bij het gevoel van je voeten stevig op de vloer.



Ik gebruikte deze oefening ook dagelijks op vaste momenten om te werken aan het opbouwen van mijn duale bewustzijn en om in het hier en nu te blijven en als middel tegen dissociatie. Verder gebruik ik de oefening als crisisvaardigheid, om mezelf af te leiden.

Een andere oefening die ik deed toen ik nog EMDR therapie had is de onderstaande oefening gebaseerd op principes uit de positieve psychologie. Hoewel het niet altijd makkelijk is, is het belangrijk om positief te zijn. Het zorgt ervoor dat je veerkracht opbouwt en veerkracht  heb je nodig om om te kunnen gaan met je trauma, het herstel ervan en ook met de tegenslagen van het leven in het algemeen.

Anti hulpeloosheid

In het algemeen gesproken zorgen flashbacks ervoor dat iemand zich hulpeloos voelt. Soms zijn er ook andere terugkerende gevoelens, zoals een gevoel van waardeloosheid, het gevoel afgewezen te zijn/worden of nog andere dingen.
Het is belangrijk om deze gevoelens te weerleggen met affirmaties en positief te denken. Een flashback wordt minder intens als je niet zijn boodschap gelooft.



De oefening is eigenlijk heel eenvoudig:
Ik ga iedere dag even rustig zitten, op een vast moment om situaties op te schrijven die de gevoelens die de flashbacks me geven te weerleggen, bijvoorbeeld hulpeloosheid.
Ik schrijf ten minste 5 situaties op waarin ik me niet  hulpeloos heb gevoeld. Ik probeer ze met aandacht op te schrijven en er bewust even bij stil te staan hoe het voelde om daar niet hulpeloos te zijn geweest/ me niet hulpeloos te hebben gevoeld. Het mooist zijn situaties waarin ik me het tegenovergestelde van hulpeloos heb gevoeld; momenten dat ik me krachtig voelde en een sterk gevoel van regie kon ervaren.
Als je dit iedere dag doet, merk je dat er misschien niet steeds nieuwe situaties zijn om op te schrijven. Dat geeft niet. Het is niet erg om situaties op te schrijven die je een andere dag ook opgeschreven hebt. Flashbacks herhalen zichzelf ook. Probeer wel in ieder geval 5 verschillende situaties per dag op te schrijven. Ze hoeven niet groot te zijn, of recentelijk te zijn gebeurt.
Je kunt ook dingen opschrijven die je hebt bereikt, omdat je daar een gevoel van competentie van krijgt en dat weerlegt gevoelens van hulpeloosheid.



Oefeningen om de regie terug te krijgen

Er zijn veel oefeningen om om te leren gaan met flashbacks. Het zijn vaak pittige oefeningen die veel op kunnen roepen, die je eigenlijk het best kunt doen in de veilige setting van therapie.
Ik zal er hier onder 1 opschrijven, uit The PTSD Workbook van Williams & Poijula, over beginnen om te leren gaan met flashbacks.



Denk aan een flashback die je in de afgelopen twee weken hebt gehad.

-Beschrijf de flashback en wat je hebt ervaren (ook zintuiglijke informatie)

-Heb je eerder een soortgelijke flashback gehad?
*Zo ja, onder welke omstandigheden?
*Wat is het verband tussen deze flashback-ervaringen?

-Hoe rook, voelde en/of klonk de flashback?
-Wie was erbij betrokken?

-Hoe rook, voelde en/of klonk de feitelijke gebeurtenis?
-Wie was erbij betrokken?

-Wat zijn de overeenkomsten/verschillen tussen de traumatische gebeurtenis en de flashback?

-Wat zijn dingen die je kunt doen om jezelf beter te voelen als je deze flashback weer zou krijgen?
*Zijn er dingen waarmee je jezelf af kunt leiden?
*Duaal bewustzijn?
*Veiligheidsoefeningen (veilige omgeving (fysiek of door een veilige plek-oefening in je hoofd), jezelf omringen met veilige anderen)
-Hoe kan je ervoor zorgen dat je in het  hier en nu blijft als je weer een flashback krijgt?

-Hoe voelde je jezelf toen je deze oefening deed (in een cijfer van 1-10, waarbij 10 de ergst denkbare gevoelens/intensiteit van gevoelens voorstelt)



Omdat deze oefening best wel inzoomt op het trauma, wil ik nogmaals benadrukken dat je dit soort oefeningen beter in therapie kunt doen. De enige weg naar herstel gaat dwars door het trauma heen, maar bij voorkeur wel op een veilige manier en in een veilige omgeving.

Hieronder heb ik wat kleine dingen geschreven die eenvoudiger en ook juist in je eigen omgeving inzetbaar zijn:



Mijn uitgebreide  kleine-dingenlijst’ die je kunt inzetten tegen flashbacks
(Waar een [D] achter staat, werkt ook goed tegen dissociatie)

*Een paar keer goed met je ogen knipperen [D]
*De positie van je lichaam veranderen [D]
*Ademhalingsoefeningen [D]
*Beweeg krachtig in je omgeving (ijsbeer, duw met al je kracht tegen een muur, strek je benen tot het uiterste, etc) [D]
*Gebruik je fantasie om naar een veilige plek te gaan in je hoofd of jezelf in je hoofd te omringen met veilige personen (dit komt uit de imaginaire rescripting therapie)
*Ga letterlijk naar een plek waar je je veilig voelt
*Zoek letterlijk personen op bij wie je je veilig voelt
*Omring jezelf met veilige voorwerpen (fysieke elementen die je een veilig gevoel geven, zoals een steen, een foto van iemand waar je van houdt, een teddybeer, een dekentje, een aardig briefje van iemand, een symbool van kracht), hou ze vast/bij je
*Noem hardop objecten in je omgeving [D]
*Vertel jezelf de datum van vandaag, het jaar en hoe oud je bent en vertel jezelf luid en duidelijk dat het ‘het’ voorbij is en dat je nu veilig bent [D]
*Luister naar kalmerende muziek, ontspanningsoefeningen of ander geluid dat je prettig vindt
*Klap in je handen [D]
*Stamp met je voeten [D]
*Was je handen/polsen/gezicht met koud water [D]
*Hou iets kouds (ijsklontjes bv) of warms (thee) vast, probeer met je aandacht hierbij te blijven [D]
*Zeg affirmaties tegen jezelf
*Stel jezelf voor dat je de herinnering wegpoetst met een spons met schoonmaakmiddel
*Stel jezelf in je hoofd voor als superheld met superkracht die zichzelf kan redden (Ook vanuit de imaginary rescripting therapie)
*Projecteer de herinnering op een schoolbord en wist het uit/op een muur en verf het over/op een spiegel en gooi er water tegenaan. (Als je de bewegingen van het uitwissen of gooien letterlijk maakt, weerleg je lichaamsherinneringen en herneem je daarmee regie)
*Schrijf of teken de flashback op papier en vernietig dat dan (verscheur, verbrand, begraaf, wat dan ook…)
*Stop de flashback in een kluis of container (werkelijk, op papier of symbolisch in je hoofd). Je kunt jezelf vertellen: “Ik erken dat ik me nu zo voel, maar ik wil er niet in verdrinken. Dus zet ik het weg voor nu, zodat ik er later bij terug kan komen om er naar te kijken als ik dat aan kan”
*Raak je oor aan, probeer iedere lijn te volgen en probeer hem na te tekenen in je hoofd. (dit kun je ook doen met een hand of voet o.i.d.) [D]
*Verander van omgeving (ga bijvoorbeeld naar buiten) [D]
*Doe een elastiekje om je pols. Laat het tegen je pols knallen en focus je op hoe dat voelt, in plaats van wat er in je hoofd gebeurt (deze oefening wordt ook wel eens gebruikt tegen automutilatie) [D]
*Tel, bijvoorbeeld iedere dag, ieder uur of iedere minuut van je leeftijd. Gebruik je klok of je hartslag om te tellen. Tel je ademhaling. Tel het moment tot je naar een plek/persoon kunt waar je je veilig voelt, etc [D]



Ik hoop dat hier dingen bij zitten die voor je werken. Probeer ze eens uit. Als jullie aanvullingen hebben, hoor ik het trouwens graag in de comments hieronder of op Twitter.

Stop Flashbacks Protocol

Voor nu wil ik de post besluiten door nogmaals terug te komen op het duaal bewustzijn, met het “Stop-flashbacks protocol”. Dit komt ook uit The Body Remembers van Rothschield. Het doel van dit protocol is om meer verbinding te gaan voelen tussen het ‘ervarende zelf’ en het ‘observerende zelf’ en volgens Rotschield is het erg effectief tegen flashbacks.

Om het protocol onder de knie te krijgen moet je oefenen met ‘oude’ flashbacks (die je hebt gehad, verwerkt en waar je, bij voorkeur, geen last meer van hebt). Op deze manier kun je de techniek leren, zonder overspoeld te raken.
Als je genoeg geleerd hebt, kun je het later gaan gebruiken voor nieuwe flashbacks die wel veel bij je oproepen.



De opdracht

De flashback die  ik gebruik is …………………………..
(Zeg tegen jezelf, bij voorkeur hardop, de volgende zinnen, terwijl je ze aanvult)

Op dit moment voel ik ………………………….. (vul naam in van huidige emotie, bijvoorbeeld angst) en ik voel in mijn lichaam ………………………….. (beschrijf huidige lichaamssensaties, noem er tenminste drie), omdat ik me herinner dat ………………………….. (noem alleen de naam van het trauma, geen details)

Tegelijkertijd, kijk ik om me heen naar waar ik nu ben in ………………………….. (huidige jaartal), hier ………………………….. (noem de plaats waar je bent), en ik zie ………………………….. (beschrijf sommige dingen die je om je heen ziet van deze plaats), en dus weet ik dat ………………………….. (noem het trauma, opnieuw alleen de naam ervan) niet nu/niet meer gebeurt.
Het is voorbij/Ik heb het overleefd.
Ik ben veilig.

Hoe werkte deze techniek voor je? Hoe was het om deze oefening te doen?
Evalueer …………………………..



Zoals ik ook eerder al schreef, kost het wat tijd om dit onder de knie te krijgen.
Dat is niet erg. De leercurve is zo, niet alleen hierbij.

De resultaten zijn het waard.
Dit zijn dingen die mij veel verschil hebben gemaakt.

Succes met oefenen.

Dromen over regie

Jarenlang heb ik nachtmerries gehad. Soms meerdere malen per nacht, dan weer een tijdlang niet. Wat ik droomde was altijd hetzelfde: Een levensechte herhaling van de dingen die mij als kind overkomen zijn. Verschrikkelijke buikpijn-dromen vol machteloosheid, die zo realistisch waren, dat ik er, wanneer ik er uit wakker schrok, een tijdje voor nodig had om mezelf te overtuigen dat het “maar gewoon een droom was”.

Dromen hebben een functie: Het is een manier van je hersenen om informatie te verwerken en (zintuiglijke) indrukken te ordenen. Bij mensen met een post traumatische stress stoornis echter, zijn dromen vaak vooral een vorm van herbeleving: het traumatisch herhalen en herhalen van informatie die nog niet voldoende verwerkt is. Zodra dit verwerken wel op de goede manier gebeurt en de informatie op de juiste plek in het geheugen opgeslagen wordt, bijvoorbeeld door therapie, nemen ook de nachtmerries af.

De laatste tijd heb ik regelmatig dezelfde droom. Het is geen leuke droom, maar zeker ook geen nachtmerrie:

In mijn droom ben ik ergens op een openbare plaats; Een discotheek? Een kroeg? Bij het wakker worden zegt het me niets, maar in mijn droom is het bekend. Ik ben er met een vriendin. Soms iemand die ik werkelijk ken, soms iemand die ik alleen in mijn droom ken. We praten en lachen en het is gezellig. Ik voel me ontspannen. Het is een leuke avond.

Zodra mijn vriendin weg gaat om drinken te halen of naar het toilet te gaan, verandert de situatie.

Iemand benadert me ongemerkt van achteren en slaat een arm om mijn hals. Instinctief herkent mijn lijf het lijf waar ik nu tegenaan gedrukt sta. Een stem noemt mijn naam en zegt in mijn oor: “Wij hebben nog wat af te maken samen”. IJskoude angst overspoelt me. Mijn spieren spannen zich. Vingers haken in de lussen van mijn broek en een duim verdwijnt onder mijn broekboord. Nee! Ik bevries. Waar is mijn vriendin? Waar zijn mijn handen? Met mijn handen kan ik… Ik moet… Wat moet ik doen? “Jij gaat nu met me mee naar buiten en als je ook maar probeert om weer weg te lopen, zal ik je met plezier herinneren aan wat er dan gebeurt” Terwijl hij dat zegt, trekt hij me nog wat meer achterover. Ik verlies mijn balans. Ik verlies. Ik… Nee!
Voor ik goed besef wat er gebeurt, heb ik mezelf achterover tegen hem aan laten vallen. Hij wankelt. En opeens is daar mijn elleboog. “Nooit meer”
Ik voel en hoor de impact, maar ik kijk niet. Ik wil alleen maar weg en hij is geen seconde meer waard dan de tijd die ik al aan hem heb besteed. Mijn benen rennen zonder te vluchten. Ik leef.

Soms gaat de droom nog verder: Soms was er een toeschouwer, een vriend, iemand in wie ik vertrouwen heb, die zag wat er gebeurde, die van plan was me te helpen, voordat hij zag dat ik het allemaal onder controle had. Hij zegt dan dingen die mijn gevoel van regie bekrachtigen en die me tegelijkertijd het gevoel geven dat ik waardevol ben, dat er van me gehouden wordt; Dat dingen nu anders zijn en dat ik nu mensen om me heen heb die niet passief zouden blijven toekijken.

Ik zei al dat het geen leuke droom was, maar het is ook zeker geen nachtmerrie. Het is een realistische droom over waar ik nu sta.

Niemand is onkwetsbaar voor gevaar, pijn en verdriet. Deze dingen horen bij het leven. Je kan je ogen ervoor proberen te sluiten, of bibberend in een hoekje kruipen, omdat je bang bent voor de werkelijkheid, maar dan verzwak je jezelf alleen maar. Het is er en het verdwijnt niet. Het enige wat je op die manier laat verdwijnen is jezelf...

In mijn droom ben ik bang. Heel bang. Natuurlijk ben je dat in zo’n situatie. Maar angst betekent niet dat het al verloren is. Angst is alleen maar een boodschapper die heel hard roept: “Dit is niet goed. Blijf niet in deze situatie. Verander wat je kunt veranderen, want dat is nodig.”

Ik had de regie; De hele situatie lang had ik de regie. Mijn dader probeerde me over te halen de regie aan hem over te dragen. Hij probeerde me te intimideren. Hij probeerde me achterover te trekken; Letterlijk uit balans te krijgen, maar zelfs als je valt, kun je nog kiezen hoe je valt. Er is altijd keuze.

Mijn lijf begreep het eerder dan mijn hoofd: “Jij wilt dat ik val? Prima, dan val ik, maar wel op mijn voorwaarden”.

Regie, dus.

Als volwassene kan je kiezen. Ik zeg niet dat je opties altijd fantastisch zijn, maar er is altijd keuze. Maak daar gebruik van.

En de toeschouwer?

Ik heb ervoor gekozen mezelf te omringen met gezonde, veilige anderen. Mensen van wie ik op aan kan. Of dat nou betekent of ze voor, naast, of achter me zullen staan.

Omring jezelf met mensen die de regie bij jou laten. Die toejuichen dat jij jij bent; Je keuzes accepteren omdat het jouw keuzes zijn, niet omdat het zou zijn wat zij zouden kiezen. Omring jezelf met mensen die je waarde zien, altijd.

En vergeet niet je eigen waarde. Nooit.

Mijlpalen en ander sentiment

Dag trouwe lezers!

SamenHelen bestaat inmiddels een half jaar, hoera!

Toen ik in Augustus met deze blog begon had ik niet verwacht dat het deze vormen zou aannemen. Aanvankelijk zou dit een kortdurend en persoonlijk project zijn.
Inmiddels kom ik regelmatig mensen tegen die wel mijn weblog of de ‘Maar wat nou als ik te beschadigd ben?’-post kennen, maar mij niet. Dat leidt soms tot interessante situaties waarin ik mensen dingen hoor beweren, waarvan ik weet dat ze niet kloppen of tot totale verbazing wanneer mensen zich realiseren dat dit toch echt mijn blog is.

Onder de grappigste dingen die ik dit half jaar heb gehoord, zijn deze:
‘Ja maar, je ziet er helemaal niet uit als een schrijver!’ (Hoe zien wíj er dan uit?)
‘De schrijver achter SamenHelen is zelf geen slachtoffer, want het is te positief allemaal’
(Tja, wat moet ik hier over zeggen?  Ik ben helaas echt een slachtoffer. Ik werk inmiddels ook met slachtoffers, maar dat is maar een deel van mijn identiteit, van mijn verhaal. Ik ben veel méér.  Iedereen is meer dan zijn trauma.  Precies daar gaat deze blog over. Ik geloof in een heleboel dingen, wat jullie als lezers ongetwijfeld zullen weten, maar niet in te positief. Dat bestaat niet).

Dus, nu dat opgehelderd is, nog de volgende dingen:

Allereerst bedankjes:
Bedankt iedereen die me leest en herleest. Bedankt al mijn 540 volgers. Bedankt voor het delen van wat ik schrijf, voor het reageren.  Bedankt slachtoffers voor jullie kwetsbaarheid en openheid, professionals voor jullie opbouwend commentaar en het meedenken.  Bedankt vrienden en mensen uit mijn directe omgeving voor het lezen,  steunen en aanmoedigen. Fijn dat het er mag zijn allemaal en ook dat jullie al het andere blijven zien.

Verder veel credits voor een aantal mensen van wie ik veel heb mogen leren. Zij weten wel wie ik bedoel.

Dan nu het oog op de toekomst!
Er staan wat leuke dingen gepland hoor:

Allereerst wordt SH ook een .nl domein. Met zo’n 14.000 hits, lijkt me dat een goed idee: Nog vindbaarder en eenvoudiger te onthouden.

Verder heb ik een aantal experts gevraagd om een gastblog te schrijven en hun licht op trauma in het algemeen en seksueel geweld in het bijzonder, te laten schijnen. Wie dat zijn blijft nog even een verrassing,  maar ik heb al een draft gelezen voor een van de gastblogs en het belooft heel interessant te worden! Hou de pagina goed in de gaten voor meer updates en info.

Tot slot, SH heeft inmiddels ook alweer geruime tijd een Twitter account. Als je wilt ben je daar altijd welkom om mee te praten over de dingen waar ik over blog.

En echt het aller aller allerlaatste: Dit is geen hulppagina. De dingen die ik hier schrijf zijn ontstaan vanuit eigen ervaringen als slachtoffer,  met slachtoffers en ook met het fundament van zowel eigen therapie-ervaringen als mijn studie psychologie. Dit is nooit in ook maar enige vorm vervanging van wat een professionele hulpverlener voor jou kan betekenen.
Voor hulp en verwijzing kun je bv terecht bij je huisarts, de centra voor seksueel geweld en bij de Nederlandse vereniging voor EMDR (een voorkeursbehandeling voor psychotrauma) of je kunt bellen naar de landelijke hulplijn seksueel geweld (0800-0188).

Op naar net zo’n mooi half jaar!

“Maar wat nou als ik te beschadigd ben?”

wpid-broken-sheep-.jpg.jpeg

Ik werk zo hard tijdens therapie; Natuurlijk, want ik wil dat het goedkomt en ik weet dat, hoewel de oneerlijkheid daarvan me op sommige momenten nog in mijn gezicht slaat, ik de enige ben die daarvoor kan zorgen.

Maar is dat wel zo?
Komt het wel echt goed?

Wat nou als dat harde werken gewoon uitstel is van wat eigenlijk onvermijdelijk vastligt? Wat nou als ik gewoon te beschadigd ben?

Het is niet gek dat ik soms zo denk: Ik heb extreme dingen meegemaakt en tijdens veel van die dingen was ik ook nog eens extreem jong. Het is normaal dat zulke dingen hun sporen nalaten: (Seksueel) geweld beschadigt.  Verwaarlozing beschadigt. Dat mijn hart in duizend stukjes brak was een normale reactie op abnormale gebeurtenissen.

Nu ben ik volwassen. Ik ben geen kind meer. Niet langer afhankelijk of machteloos. Nu kan ik kiezen hoe ik mijn leven vormgeef. En ik kies veiligheid. Ik kies vrijheid. Ik kies levensgeluk.

Maar die scherven dan?

Tja…

Als een geliefd bezit kapot valt, kan je kiezen om het weg te gooien, of kiezen om het te lijmen. Zo is het ook met jezelf. Ik koos mijzelf te lijmen. Ik kies iedere dag opnieuw om mezelf te lijmen: Ik heb therapie, ik werk aan mezelf, ik kijk met aandacht naar mijn gedrag en naar het gedrag van mensen om me heen en ik pas mijn gedrag aan als dat nodig is.

Net als met die, laten we het een vaas noemen, van hierboven, is het zo dat ik soms met stukjes van mezelf in mijn hand zit, waarvan ik niet weet hoe ze in het geheel passen en of het me wel lukt om er weer een geheel van te maken. Maar ook dat is normaal. Al doende leer je. Die onwetendheid mag er zijn. En het betekent trouwens niet dat het niet mogelijk is.

Het is ook normaal om er niet altijd even veel vertrouwen in te hebben. Gebrek aan vertrouwen hoort bij het beschadigd zijn. Je fundament, je vertrouwen en je basisveiligheid zijn immers aangetast.
Ook dat is wat het is.

Je zult merken dat je, als je accepteert dat je beschadigd bent en jezelf toestaat te voelen dat het normaal is om beschadigd te zijn na wat je hebt meegemaakt, met alle bijbehorende gevoelens van angst en onzekerheid die daarbij komen, gemakkelijker in staat bent om keuzes te maken die je in ieder geval een kans geven op een beter leven.

Radicale acceptatie:

Wat gebeurd is, is al gebeurd. Het had nooit mogen gebeuren, maar het is wat het is en het is voorbij.

Ja je bent beschadigd.
Dat is heel verdrietig en oneerlijk.
Maar het is wat het is.

Misschien kan je wel nooit het leven leiden waar je vindt dat je recht op hebt (dat zou kunnen, wie weet), maar je kunt wel een leven leiden dat beter is dan je leven nu.
Iedere nieuwe dag is een nieuwe kans om te kiezen.

Toen ik minder ver was in mijn proces dan nu, vroeg ik een keer aan mijn therapeute: “Maar wat als ik nou te beschadigd ben? Wat nou als het niet meer goedkomt?”
Ik heb veel geleerd van dat gesprek.

Ten eerste ben je alleen maar ‘tè’ beschadigd als je niet meer bereid bent om keuzes te maken die in het belang zijn van je veiligheid, vrijheid en levensgeluk. Dan bedoel ik niet dat je dat soms niet lukt, maar structureel: Een staat van volledige aangeleerde hulpeloosheid. Denk aan een aapje dat zolang in gruwelijke omstandigheden en gevangenschap heeft geleefd, dat het niet meer ontsnapt als de deur van zijn kooi openstaat. Zelfs niet als zijn water op is en het enige water zich buiten de kooi met de open deur bevindt. Dat aapje sterft uiteindelijk van de dorst, terwijl dat in zijn nieuwe omstandigheden niet had gehoeven; Hij was te beschadigd.

Als je nog in staat bent, al is het zelden, al is het met ontzettend veel moeite, om gezonde keuzes te maken, dan ben je niet ‘te beschadigd’. Beschadigd ja. Heel erg beschadigd, misschien ook wel. Maar niet tè.

Dus:

“Wat nou als ik beschadigd ben?”

Nou, ik ben inderdaad beschadigd. En dat is, zoals ik al schreef, heel normaal gegeven de omstandigheden.

Mijn therapeute vroeg me dus waarom dat zo erg was; (los van de oneerlijkheid van wat er is gebeurd) Waarom beangstigt beschadigd zijn mij zo?

Weet je wat bleek:
Ik ben bang dat anderen merken dat ik zo beschadigd ben; Dat ze me erom afwijzen. Ik ben bang dat beschadigd zijn, betekent dat mijn waarde als persoon minder is.

Concreter nog gezegd: Ik ben bang dat uiteindelijk zal blijken dat ik werkelijk waardeloos ben (precies zoals me is verteld en zoals ik heb geconcludeerd uit hoe mensen in het verleden met me om zijn gegaan).

Mijn therapeute vertelde me toen twee hele waardevolle dingen:

Het eerste ging over een schaapje, dat gedeeltelijk van porselein is, dat ze altijd in haar vensterbank had staan. Ze vroeg me hem vast te houden, waarna ze me vertelde hoeveel ze van ‘schaapje’ hield en dat ze ‘m zo leuk vond, dat hij zelfs in haar kamer mag staan terwijl ze werkt.
Ik glimlachte, want ik zag in haar ogen dat het klopte. En schaapje is ook leuk.

Toen vertelde ze dat schaapje op een dag gevallen was. Zijn oor was eraf. Hoewel ze het verdrietig vond, ging ze niet minder van schaapje houden. “Ik heb zijn oor er gewoon weer aangelijmd! Ja, je ziet dat hij beschadigd is, maar ik vind hem nog even leuk”.  En weer zag ik in haar ogen dat het klopte.

Daarna mocht ik schaapje een maand mee naar huis nemen toen ze op vakantie ging om me er aan te herinneren dat je waarde niet afneemt als je beschadigd bent en om me te leren dat je met zachtheid en voorzichtigheid met iets om kan gaan dat kwetsbaar is (wat ik natuurlijk deed omdat schaapje belangrijk is voor haar en ik hem in vertrouwen gekregen had): Een mooie oefening voor mij.

Het tweede wat ze me vertelde, was een mooie metafoor: Het ging over een diamant.

“Ik heb een mooie kostbare diamant. Ik ben heel blij met die diamant. Hij glanst mooi en hij is van onschatbare waarde.
Op een dag valt de diamant in de modder, maar dat is nog niet alles: Daarna gaat er ook nog iemand op staan. En nog eens. En nog eens.
Hij stampt op mijn diamant. Hij spuugt er op. Hij scheldt er tegen. Hij trapt hem diep, diep de grond in. En daarna komt er nog iemand. Die doet hetzelfde.
Als ze weggaan is mijn diamant vies. Hij glanst niet meer. Je kunt zelfs haast niet meer zien dat het ooit een diamant was.

Ik pak de diamant toch op, want ik weet dat zijn waarde niet veranderd is door hoe anderen ermee om zijn gegaan. Met heel veel aandacht poets ik hem schoon. Laagje voor laagje haal ik met aandacht het vuil eraf. Het is de moeite waard, want af en toe zie ik een kleine schittering onder het vuil. Steeds vaker. Steeds meer.
Dan is mijn diamant schoon.

Ik stop hem in mijn zak, mijn mooie waardevolle diamant, zodat hij niet opnieuw zal vallen.”

De strekking van beide verhalen is simpel: Soms gebeuren er dingen die je beschadigen, soms zelfs dingen die je het gevoel geven voor altijd vuil te zijn, maar je mag het stof van je kleren kloppen en verder gaan. En je hoeft niet bang te zijn om los te laten, omdat je bang bent dat het jou ook niet loslaat. Ten eerste bepaal jij nu. Ten tweede:

Wat een ander doet of je aandoet, verandert niets aan je waarde.
Je waarde wordt bepaald door de keuzes die je maakt en de positie die je inneemt.

Kies voor vrijheid. Kies voor veiligheid. Kies voor levensgeluk.
diamant
Je bent immers een prachtige diamant, dus je bent dat meer dan waard!

Als je overspoeld wordt

wpid-flooding.jpg
In mijn hoofd noem ik het altijd ‘flooding’, de Engelse term, omdat ‘overspoeld’ voor mij niet precies genoeg het donderende geweld weergeeft waarmee emoties soms over je heen kunnen golven.

Vandaag voelde ik mij echt overspoeld, nóg, maar het begint inmiddels wat te zakken. Dat is het mooie aan emoties; Ze komen in golven en wanneer ze hun piek hebben bereikt en je jezelf hebt toegestaan om dat te voelen, zonder er naar te gaan handelen, nemen ze ook weer af.

Ik had therapie. Hoewel ik van tevoren gestrest was, omdat ik wist dat het zwaar zou worden, was ik bij aanvang heel rustig. Ik was de eerste cliënt van die dag en ik was te vroeg. Ik zag mijn therapeute binnenkomen. Ze zag mij in de wachtkamer en zwaaide uitgelaten, ze straalde en droeg een prachtige jurk. Ik was blij om haar te zien. Ze voelde vertrouwd.

We gingen naar beneden, naar de therapieruimte.  Aanvankelijk was alles nog ontspannen. We waren gewoon wat aan het kletsen en ik voelde me heel veilig. Het leek een goede basis.

Toen begonnen we met onze sessie en vanaf het begin ging dat al heel moeizaam. Ik was aan het saboteren in mezelf; verstand wilde links, gevoel wilde rechts en dan hield ik zelf ergens van boven op een heel oordelende manier overzicht. Ik dissocieerde, ik stuurde vervolgens weer terug naar de ruimte om daarna weer uit te zoomen. Dit hele gebeuren putte me erg uit. Ik voelde een heel scala aan emoties door elkaar; Bij ‘toen’, bij het nu… Was ik boos vanwege de zware sessie of was ik boos vanwege het onderwerp van de sessie? Was ik boos op daders, op therapeute of op mezelf? Het was een grote warboel, zoveel kan ik je in ieder geval vertellen.

Mijn therapeute bleef naar veiligheid zoeken, naar elementen om me gerust te stellen, maar op de een of andere manier bleef dat verschrikkelijke gevoel van ‘nooit meer veilig zijn’ overheersen.
We grepen terug op een ander soort therapie: Therapeute kwam zelf in ‘het onveilige plaatje’ om me te beschermen. Ik mocht zelfs achter haar gaan zitten (we beeldden de verschillende elementen van de situatie af met stoelen) en me verstoppen, maar ik wilde mezelf niet eens meer in veiligheid brengen. Ik voelde me bevroren. Ik sloeg mijn armen om me heen en moest alleen maar huilen. Ik wilde zo graag voelen dat ik beschermd en veilig was, maar ik was er alleen maar van doordrongen dat niemand me ooit heeft beschermd toen ze daarvoor in de gelegenheid waren.
Ik zat ontzettend te trillen. Therapeute probeerde op den duur de herinnering met me af te dekken en letterlijk te laten verdwijnen.

We moesten afronden en onderweg naar boven kwamen we de volgende cliënt al tegen. Ik was behoorlijk overstuur. Ik kreeg nog een kop koffie en mocht die rustig in de wachtkamer opdrinken. Daar heb ik bijna een uur gezeten met mijn winterjas aan omdat ik mezelf niet kon verwarmen. Toen ben ik richting huis gegaan.

Wat ik uiteindelijk gedaan heb om met de situatie om te gaan, is erkennen en benoemen wat er is en hoe diep ik zat, zonder er naar te handelen. Als je zoveel emoties voelt als ik vandaag, wil je handelen en meestal op een manier die niet helpend of constructief is. Bewust besluiten om niet te handelen, roept meer emoties op merk ik, want dan voelt het alsof ik de deksel er op probeer te houden, dus heb ik voor mezelf het handelen uitgesteld: “Ik wil nu ditenditenditendit…, als ik dat straks nog steeds wil, mag dat, maar voor nu ga ik alleen maar zitten en ‘zijn; Ik hoef niet meteen iets te doen”.

Als je dan een poosje bent met wat er is, merk je dat er in ieder geval niet meer bijkomt. Je begint het ritme te herkennen waarmee de golven over je heen spoelen en je begint een beetje mee te bewegen. Hoewel er in feite niets verandert, merk je dat je je hoofd steeds iets beter boven water kunt houden.

Dit was voor mij het moment dat ik me weer wat begon te oriënteren op de ruimte om me heen, niet als een reddingsboei en om me aan op te trekken, maar meer gewoon vanuit nieuwsgierigheid en omdat ik de ruimte daarvoor voelde nu ik mijn hoofd wat beter boven water kon houden.

Uiteindelijk werkt het dan toch als reddingsboei. Ik luisterde naar de gesprekken van de receptioniste en vormde er een mening over. Ik haalde iets van buiten mezelf naar binnen, waar er plotseling ook ruimte voor bleek te zijn.

Zo ging het steeds wat beter. Eerst goed genoeg om naar huis te vertrekken en nu al goed genoeg om dit te typen.

Ik ben nog steeds erg verdrietig. Ik ben nog steeds boos. Ik voel me nog steeds verlaten. En dat mag. Het mag er allemaal zijn. Het is wat het is, maar omdat ik gestopt ben met tegen de stroom in te zwemmen en mezelf gewoon even heb laten meevoeren, is er nu weer ruimte om te zien wat er nog meer is: ‘I weathered the storm’ en ik heb een therapeute die me in het nu niet alleen probeerde te beschermen tegen de herinnering aan gevaar die alleen nog in mijn hoofd bestaat, maar ook tegen een crisis; Het enige gevaar waar ik vandaag werkelijk aan bloot heb gestaan.