[themablog] ZIE

Morgen is de opening van de ZIE-expositie die ook dit jaar weer aandacht vraagt voor kindermishandeling & huiselijk en seksueel geweld. Indrukwekkende billboards van krachtige mensen; slachtoffers ja. Maar ook veel meer dan dat.

Wat is jouw beeld eigenlijk van een slachtoffer? Denk je dat we zwak zijn? Denk je dat we kwetsbaar zijn? Denk je dat we niet intelligent genoeg zijn om de juiste keuzes te maken? Niet succesvol in ons leven?
Of denk je niet in oordelen en durf je te zien dat we zijn als jij?
Krachtig, waardevol, belangrijk.

Zie ons.
Zie ons helemaal.
ZIE!

Lang geleden toen ik besloot dat ik wat mij overkomen is niet meer weg zou houden om anderen tegen mijn pijn te beschermen; Toen ik mijn schuld en schaamte en alle verantwoordelijkheid weer teruglegde bij de daders en bij iedereen die zag en hoorde, maar niet wilde doen, schreef ik een gedichtje. Ter gelegenheid van ZIE zal ik het hieronder plaatsen:

Ik weet het nog

Ik weet het nog:
Mijn schreeuw om hulp,
mijn tranen in het gras
Dwingend waren je handen
Ik weet hoe klein ik was

Ik weet het nog:
Hoe niemand kwam
Hoe niemand het me vroeg
Duidelijk waren mijn signalen
Ik weet, het waren er genoeg

Ik weet het nu:
Hoe erg het is
Dat wat jij deed met mij
Krachtig zal mijn stem dus klinken
Het zwijgen is voorbij

Wees welkom bij de expositie.

Het onzichtbare kind

Ik was het kind dat geen hulp vraagt. Het kind dat geleerd had dat het het beste inschikkelijk kan zijn. Het kind met het vermogen om zich onzichtbaar te maken in een kamer vol mensen.

Ik was het kind dat overal waar het kwam een boek meesleepte, of twee – gewoon voor het geval dat… Het kind dat zich terugtrok in een fictieve wereld om de realiteit te ontvluchten. Het kind dat zichzelf verhalen vertelde, opnieuw en opnieuw.

Ik was het kind dat niet huilde. Het kind dat lachte, veel en vaak, maar zelden oprecht. Het kind dat danste, maar nooit zwierde.

Ik was het kind dat misbruikt werd, verwaarloosd, genegeerd. Het kind dat in de steek werd gelaten, steeds weer. Het kind dat ook zichzelf maar in de steek liet.

Ik was het kind dat niet gezien werd. Het kind dat niet gehoord werd. Het kind dat niet geholpen werd.

Ik was het kind dat bij jou in de klas zat. Het kind dat bij jou in de straat woonde. Het kind dat je tegenkwam in de supermarkt.

Ik was dat kind. Een kind. Ik.

Ik bén niet de enige.